zaterdag 9 mei 2020

De Weg van Jezus


De Weg van Jezus

Mini-viering voor thuis, vijfde zondag van Pasen

Voorlopig gaan de kerkdiensten niet door i.v.m. het coronavirus. Daarom maakten we een kleine viering, die je thuis als gezin kunt houden. Zo kun je samen stilstaan bij alles wat er gebeurt en hoop vinden in de woorden van God. Want we zijn met Jezus onderweg naar God!

• Ga samen aan tafel zitten rond een lichtje,
dit kan een gewone kaars zijn of een waxinelichtje
leve het niewe leven IMG 7731
• Steek het lichtje aan en zing/bid samen:
keer u om3



Of zing het gebedsliedje van Elly en Rikkert Met mijn handen samen



  





• Praat, voordat je het verhaal vertelt, even met de kinderen over hoe ze denken dat God eruitziet. Waarschijnlijk zullen ze wel zeggen dat we God helemaal niet kunnen zien. Jezus zei daar iets heel moois over. 
Lees dan het verhaal over Jezus die uitlegt dat Hij en de Vader bij elkaar horen uit je kinderbijbel of lees onderstaande navertelling:
Verhaal: Met Jezus naar God de Vader (Johannes 14,1-12)
Jezus zat aan tafel met zijn leerlingen. Hij wist dat Hij niet zo lang meer bij hen zou kunnen blijven. Dat vonden de leerlingen moeilijk en verdrietig. Hij wilde ze daarom helpen. Hij wilde dat ze het begrepen.
Jezus zei tegen zijn leerlingen:
de weg van jezus"Jullie hoeven niet ongerust te zijn. Jullie geloven in God en jullie geloven ook in Mij. In het huis van mijn Vader is ruimte voor heel veel mensen. Als Ik niet meer bij jullie ben, dan ben Ik in dat huis van mijn Vader, om daar een plaats klaar te maken voor jullie. Later kom Ik dan terug om jullie op te halen. Dan zullen we weer samen zijn, voor altijd. Jullie weten nu dus waar Ik heen ga en jullie weten ook de weg. Die weg moeten jullie volgen."
Thomas zei: "Heer, wij weten helemaal niet waar U heengaat. Dus de weg kennen we ook niet."  Jezus antwoordde hem: "Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan zomaar bij God komen. Dat gaat via Mij. Als je Mij echt kent, dan ken je vanzelf ook mijn Vader. En jullie kennen Mij toch? Begrijp dan maar: als je Mij hoort, dan hoor je ook God de Vader. Misschien is het moeilijk om je voor te stellen, maar als je Mij ziet, zie je ook God de Vader. Kijk maar eens goed naar Mij. Zie je het?"
De leerlingen keken nog eens goed naar Jezus. Zo ziet God er dus uit, dachten ze. En alles wat Jezus ons zegt, dat is dus eigenlijk wat God tegen ons zegt. Dan is God wel heel dichtbij...


• Praat dan met de kinderen door over de woorden van Jezus.
  • Wat zei Jezus over het huis van God de Vader? (Daar is ruimte voor iedereen, en Hij gaat vast vooruit.)
  • Wat gaat Jezus daar doen? (Een plekje maken voor alle mensen)
  • Jezus zegt dat je in dat huis van God komt als je zijn weg volgt. Wat zou Hij bedoelen? (Dat je zo probeert te leven als Jezus heeft voorgedaan, dan ga je mee op zijn weg. En dan kom je bij God de Vader.)
  • Kunnen de kinderen bedenken wat ze zouden kunnen doen, om op Jezus' weg te gaan en op Hem te lijken?
  • Dat huis van God waar Jezus het over heeft, hoe zou dat eruit kunnen zien?
  • En wat zouden ze in dat huis van God willen doen? Wie zouden ze daar tegen willen komen? 

Lied: Zing met elkaar het liedje Wij zijn samen onderweg!














Gebed: Bid samen een gebedje:
Goede Jezus,
U wilt voor ons zorgen
en ons de juiste weg wijzen? 
Als we uw weg volgen
dan komen we ooit thuis in het huis van God.
We danken U,
dat U onder de mensen wilt wonen;
dat wij U kunnen zien in de mensen om ons heen;
dat U met ons meeloopt op onze levensweg.
Elke dag zijn wij op weg naar U.
Net als zoveel andere mensen.
We bidden dat ook als het moeilijk is,
zoals nu in deze tijd,
dat U ons allemaal helpt de juiste weg te gaan.
Dat vragen wij U met de woorden die U ons leerde:
Onze Vader, die in de hemel zijt,uw naam worde geheiligd,
uw rijk kome,
uw wil geschiede
op aarde zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood
en vergeef ons onze schulden,
zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren,
en breng ons niet in beproeving
maar verlos ons van het kwade.
Want van U is het koninkrijk
en de kracht en de heerlijkheid
in eeuwigheid. Amen
• Sluit af door het lichtje uit te blazen. In je hart blijft het branden.

mensen van de weg fano

EXTRA'S

  • Maak de weg die je met Jezus gaat. Rol daarvoor een rol behang uit (minstens een meter) en leg deze op tafel, evt. vastgemaakt met schilders tape, zodat deze blijft liggen. Teken of schilder met elkaar op de binnenkant van de rol een lange weg. Laat de kinderen op de weg allerlei mensen tekenen die Jezus volgen. Bespreek met elkaar, wie er op deze weg lopen. Wie volgen de weg van Jezus? Waaraan kun je dat zien? Waar zijn die mensen mee bezig? Al tekenend kun je met elkaar in gesprek gaan over de weg van Jezus.
  • Maak een mooie tekening van het huis van God. Hoe ziet het er uit? Wie kom je daar tegen? Wat voor leuke dingen kun je er doen?

Gesprek met de kinderen (1)

Vertel aan de kinderen in het kort over het openbare leven van Jezus. Hoe Hij leerlingen weggeroepen heeft uit hun gewone bestaan als visser, als tollenaar of uit een ander beroep. Als heel gewone mensen gingen ze met Jezus mee om naar Hem te luisteren en van Hem te leren.
Samen met Jezus trokken de leerlingen rond terwijl Jezus verhalen vertelde over het Koninkrijk, mensen hielp en genas, preekte en gesprekken voerde met andere rabbi’s. Ook gaf Jezus zijn leerlingen soms privélessen. Ze hadden nooit verwacht dat Hij zo vroeg al zou sterven. Hoe moesten ze nu verder zonder Jezus?

Praat met de kinderen wat de leerlingen konden doen zonder Jezus.
Laat ze ideeën opperen.
Ze konden teruggaan en weer gaan doen wat ze vroeger deden. Weer gaan vissen bijvoorbeeld. Wat zou er gebeurd zijn als ze dat hadden gedaan?
Waarschijnlijk noemen de kinderen ook dat de leerlingen ook verder konden gaan met alles wat Jezus aan het doen was. Dat klopt, want dat gingen ze doen. Gelukkig maar, want daardoor weten ook wij van Jezus.
Vraag de kinderen: Maar hoe doe je dat? Wat heb je daarvoor nodig? Wat heb je nodig om mensen te vertellen over het Koninkrijk van God?
Dan moet je wel weten hoe dat zal zijn (kennis).
Help ze op weg door ze te laten denken aan een spreekbeurt op school. Dan moet je goed kunnen vertellen, veel weten en eerst goed nadenken over alles.
Dus wat hebben de leerlingen nodig? Wat heb je nodig om mensen te helpen, te genezen? Wat heb je nodig als ze moeilijke vragen gaan stellen aan jou? (kennis, moed, geloof, vertrouwen in God, liefde, steun van God en van elkaar etc.)

Eerst dachten de leerlingen dat ze het niet konden zonder Jezus. Hoe kwam het dat het toch lukte? (Met hulp van de heilige Geest, de helper, lukte het toch.)
Vertel vervolgens over de heilige Geest, die deel is van de Drie-eenheid en ook ons helpt om Jezus te volgen. De Geest is de wind in onze rug, je ziet er niets van, maar je voelt dat je harder kan en dat je makkelijker vooruitkomt.

Gesprek met de kinderen (2)

onrustDe eerste woorden van in het Evangelie waren vandaag: ‘Wees niet ongerust’.
Vraag aan de kinderen: Zijn jullie weleens ongerust (bang) geweest? Of waren jouw ouders weleens ongerust? Misschien omdat je te laat thuiskwam?
In tijden van Corona zijn we misschien wel allemaal ongerust!
Normaal voel je in jezelf ‘rust’. Je voelt je gewoon op je gemak, niks aan de hand, alles gaat lekker. Maar er kan zomaar ‘onrust’ komen. Je wordt dan ongerust. Vaak gebeurt dat, als je bang bent dat een ander wat overkomt. Dat kan een ongeluk zijn, maar je kan ook ongerust worden, als je op school slechte cijfers haalt. Dat is misschien niet zo goed voor je toekomst.
 
Praat met de kinderen door over de woorden gerust (niet bang zijn) en ongerust (bang zijn). Bedenk met elkaar eens situaties waarin je bang (ongerust) kunt zijn. Wat kun je er aan doen om minder bang te zijn of helemaal niet meer bang te zijn? Bidden kan soms helpen. Dan zeg je tegen God waarom je ongerust bent. Of erover praten met je ouders of iemand anders. Samen praten over je onrust helpt.
 
Jezus zegt ook: ”Wie in mij gelooft, kan ook doen wat Ik doe”. Laat maar zien en horen dat je gelooft in Jezus. Vertel aan de kinderen hoe u dit zelf laat zien aan de hand van een eigen praktijkvoorbeeld. (Vrijwilliger zijn van de kinderwoorddienst kan een voorbeeld zijn om te laten zien, hoe u zelf iets van uw geloof laat zien. Of misschien doet u iets anders, geïnspireerd door uw geloof).
 
Levensweg
Op tafel liggen een ganzenbordspel, een labyrint en een doolhof. Jezus zegt: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven”. Vraag de kinderen, welke van deze drie voorbeelden van wegen lijkt het meeste op een mensenleven? Misschien is er nog wel een andere vorm. Laat kinderen hierover nadenken. Alles is goed. Laat het gesprek open. 

Ganzenborden

Het ganzenbordspel is te vergelijken met de levensweg en wat er onderweg allemaal kan gebeuren: soms heb je geluk, dan weer dikke pech. Geluk is gevaarlijk. Het leven is vol risicoi's. Al spelend probeert u met de kinderen hierover in gesprek te gaan.
Nodig:
Ganzenbordspel of uitgeprint spelbord
 ganzenbord
2 dobbelstenen
Evenveel pionnen als kinderen
Papier
Lijm
Plakband
Spelen
De spelers gooien om de beurt met twee dobbelstenen. Wie hierbij het hoogste aantal ogen gooit, mag de eerste worp doen, waarna hij zijn pion evenveel vakjes vooruitzet als hij ogen geeft gegooid.
De onderstaande spelregels moeten echter goed in acht worden genomen.
Wie bij de eerste worp 4 en 5 gooit, moet ineens doorgaan naar vakje 53, wie bij de eerste worp een 6 en een 3 gooit, gaat ineens door naar vakje 26.
Als je op één van de onderstaande vakjes komt, bespreek je met elkaar een gespreksvraag of doe de opdracht:
Vakje   6: Brug. Bouw samen een brug tussen twee tafels, die een eind uit elkaar staan. Je mag papier en lijm gebruiken.
Vakje 19: Herberg. Teken met elkaar op een vel papier een herberg waar iedereen welkom is.
Vakje 31: Put. Gespreksvraag: wanneer je verdrietig bent, wat helpt jou dan om hieruit te komen?
Vakje 42: Doornstruik. Ga allemaal in de ruimte staan als een doornstruik (dit is een struik met stekels).
Vakje 52: Gevangenis. Gespreksvraag: waar ben jij soms bang voor?
Vakje 58: Dood. Wanneer je hierop komt – helemaal terug naar start. Start opnieuw.
Op een gans?
Kom je uit op een vakje dat hierboven niet wordt genoemd, waarop een gans staat, dan mag je nogmaals hetzelfde aantal vakjes vooruit.
Vakje bezet?
Kom je uit op een vakje waar al de pion van een medespeler staat, dan moet je terug naar je oude plaats.
Wie heeft gewonnen?
Om het spel te winnen, moet bij de laatste  worp het juiste aantal ogen worden gegooid om vakje 63 te bereiken; gooi je teveel, dan moet vanaf 63 worden teruggeteld. Komt de pion daarbij op een gansje, dan moet nogmaals eenzelfde aantal vakjes worden teruggeteld. De winnaar is degene die als eerste op vakje 63 mag blijven staan.

Doolhof en labyrint

In een doolhof loop je elke keer vast. De weg loopt dood. Je moet omkeren en een andere weg zoeken. In een labyrint loop je volgens een vast patroon en kies je vanzelf de goede weg. Mooi om over te praten. Wat past het beste bij onze weg door het leven?
Nodig:
Per tweetal kinderen een kopie van een labyrint en van een doolhof, zie hieronder
Potloden
Doen:
Maak tweetallen en geef elk tweetal een kopie van een labyrint en een doolhof.
Wat zijn de overeenkomsten en wat de verschillen tussen een labyrint en een doolhof? Waaraan kun je dit zien?
Ga eerst met je vinger door het doolhof en het labyrint en daarna met een potlood. Wanneer je twee tekeningen naast elkaar legt, zie je het verschil.
Bij het doolhof is het zoeken naar de juiste weg en bij het labyrint volg je automatisch de juiste weg.
Afbeeldingen: Labirint van Chartres, zelfgetekend labirint, doolhof

labyrint 2labyrint
doolhof

Geen opmerkingen:

Een reactie posten